icon-file icon-email icon-link icon-avatar icon-download icon-folder icon-next icon-phone icon-right-arrow icon-settings icon-team close icon-linkedin icon-twitter icon-appel-met-liniaal icon-hand-met-plantje icon-wereldbol icon-handdruk icon-megafoon icon-persoon-met-tandwiel icon-cookie icon-label open icon-search handleiding
Nieuws 25 sep 2020

Bruinbrood volkoren? Zo eenvoudig is het niet

Laura Obdeijn van Het Parool schrijft over de zin en onzin van volkoren.

‘Wilt u daar bruin- of witbrood bij?’ Als de bediening het vroeg, was het antwoord: bruin. In de supermarkt ook, altijd bruin. Brood, crackers, repen: volkoren, lekker gezond. Totdat iemand zei: wist je dat veel bruinbrood helemaal niet volkoren is?

De regels voor brood zijn strikt, zegt Fred Brouns, emeritus-hoogleraar innovatie gezonde voeding aan Maastricht University. “Brood mag simpelweg niet volkoren genoemd worden als het niet helemaal van volkorenmeel is gemaakt.”

Volkoren betekent dat de volledige graankorrel is gebruikt om meel van te maken. Tarwe is misschien wel de bekendste graansoort, maar ook spelt en rogge kunnen volkoren zijn. Alle voedingsstoffen die een intacte graankorrel bevat, moeten er nog in zitten. Zo zitten vezels en kiemen bomvol voedingsstoffen die goed zijn voor de ­darmen en helpen tegen diabetes en hart- en vaatziekten, maar ook zorgen voor een verzadigd effect.

Dit in tegenstelling tot bloem. “Daar is naast de vezel ook de kiem uit gehaald, waardoor vrijwel alleen wat ­zetmeel en eiwit overblijft.”

Dat bruinbrood de kleur van volkoren heeft, zegt niets. “Veel mensen denken dat volkorenbrood gelijk staat aan bruinbrood, en daar is op ingespeeld. Door het deeg te mengen met gebrande mout of gekaramelliseerde suikers, kleurt het bruin, maar het is geen volkoren meer.”

Wil je zekerheid hebben, zegt hij, check dan de ingrediëntenlijst. Van het eerste ingrediënt op de lijst zit het meeste in het product. “In het geval van volkorenbrood staat meel vooraan en vind je nergens bloem.”

Voor andere producten, zoals crackers, gelden echter andere regels, zegt Brouns. “Daar wordt soms het woord volkoren gebruikt vanwege het gezondheidsstempel, ­terwijl er in werkelijkheid veel minder dan honderd ­procent in zit. Dat is voor de consument verwarrend.”

Bij deze producten moet de producent vooral transparant zijn over de inhoud, zegt Charlotte ter Haar van de Vereniging voor de Bakkerij- en Zoetwarenindustrie (VBZ). “Op de verpakking moet duidelijk staan wat erin zit en ze mogen niet de indruk wekken dat iets volledig volkoren is, als dit niet zo is.”

Dat in biscuitjes en toastjes niet altijd honderd procent volkorenmeel zit, heeft overigens een reden, zegt ze. “Het is vaak technisch niet mogelijk, daarnaast verwachten ­consumenten bepaalde eigenschappen die de producent niet kan waarmaken als ze iets volledig volkoren maken. Je kunt niet opeens met een keihard toastje komen, waar iemand z’n tanden op stukbijt.”

Crackers en koekjes die niet volledig volkoren zijn, maar wel in dat jasje in de winkel liggen, worden ‘verguisd’ door consumentenorganisaties, aldus Ter Haar. “Niet helemaal terecht.” Ze pleit ervoor het woord ‘volkoren’ niet compleet van verpakkingen te verbannen. “We krijgen te weinig vezels binnen, en ook deze koekjes kunnen een bijdrage leveren aan de vezelinname.”

Lees hier het artikel op de website van Het Parool.

Bron: Het Parool, 8 september 2020