icon-file icon-email icon-link icon-avatar icon-download icon-folder icon-next icon-phone icon-right-arrow icon-settings icon-team close icon-linkedin icon-twitter icon-appel-met-liniaal icon-hand-met-plantje icon-wereldbol icon-handdruk icon-megafoon icon-persoon-met-tandwiel icon-cookie icon-label open icon-search handleiding
Nieuws 31 jan 2020

Op naar de beurs – want we moeten elkaar zien en spreken

Is het bezoeken van vakbeurzen tegenwoordig nog nuttig? Wat is het rendement van zo’n dure stand? Welke andere vormen van communicatie met markten en stakeholders werken – anno 2020 –  het beste? Een nieuw jaar biedt gelegenheid voor een ijkmoment. Ik voorspel een revival van het oude vertrouwde sociaal contact.

Theo Heere, directeur VBZ
Theo Heere, directeur VBZ

In deze tijd van digitalisering mogen we het rendement van sociaal contact, van elkaar zien en spreken, niet onderschatten. Dus als u denkt dat het beursbudget na dit jaar beter aan andere middelen is te besteden: denk er alsjeblieft nog een keer over na!

De actuele aanleiding voor dit pleidooi is de aanstaande ISM vakbeurs in Keulen. Rationeel gezien is het de toonaangevende vakbeurs voor snoepgoed en snacks, waar je inspiratie en innovatie tankt. Waar je in beperkte tijd een goed idee kunt krijgen van de nieuwste ontwikkelingen. En ook al dacht je alles al te weten: er gaat niets boven zelf zien – en dikwijls: proeven – en van gedachten wisselen met de ondernemers en ontwikkelaars die hun ziel en zaligheid in producten hebben gelegd. 

Die beurs, die is dus zo gek nog niet. Ik weet het, ik heb daar wel eens anders over gedacht. Want de beurs is niet meer zaligmakend in de zin dat je er móet zijn om in 2020 iets te verkopen. Er zijn alternatieve, veelal digitale kanalen om je op de hoogte te stellen en bestellingen te plaatsen. Vorig jaar pleitte ik er nog min of meer voor om beurzen maar af te schaffen. De digitalisering heeft beurzen immers grotendeels overbodig gemaakt, zo heb ik gesuggereerd. Online leg je contact, vraag je monsters aan en plaats je orders. Wie heeft de beurs nog nodig? Mijn antwoord vandaag is: wij, als branchevereniging. Wij, als ondernemers in koek, snoep, chocolade, zoutjes en noten. Juist bij alle digitalisering hebben wij zo’n contactmoment als de beurs nodig. Het sociale contact, dat wij met onze VBZ-stand als ontmoetingsplaats tot stand willen brengen. De borrel die wij tijdens de beurs op de maandagavond organiseren, die zo belangrijk is om elkaar eens informeel te spreken. Ik merk dat die momenten in zo’n druk jaar steeds schaarser worden.

Het zijn momenten die ogenschijnlijk niet direct rendement opleveren. Naar mijn idee zijn ze vreselijk belangrijk, om gevoel te krijgen voor elkaars situatie, elkaars zorgen en elkaars standpunten. Ik heb me in de afgelopen tijd gerealiseerd dat dit sociale, dat inlevingsvermogen, de moeite van het investeren waard is. Daarom zetten wij van VBZ in 2020 vol in op  bedrijfsbezoeken, zoals het recente bezoek aan COSUN en aan het hoogwaardige DC van Spar van deze zomer. Zo is het ook belangrijk dat we elkaar zien en spreken tijdens de algemene ledenvergaderingen.

Het rendement van de investeringen zul je nooit precies weten. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor onze opgevoerde inspanning bij VBZ op het gebied van lobbyen, die een soort stille diplomatie is: als het succes heeft, hoor je er niets over. Bij onze contacten met Kamerleden en andere sleutelfiguren weet je alleen nooit precies of je op de juiste knoppen hebt gedrukt. Een kamerlid waarin je energie hebt gestoken, kan bij de eerstvolgende verkiezingen zomaar van het politieke toneel verdwijnen.

Ook het meten van ‘t rendement van onze opgevoerde communicatie met onze leden is maar ten dele mogelijk, het is immers geen exacte wetenschap. Hoe bereiken wij de VBZ-leden en andere stakeholders het beste? Een Whatsapp groep voor het bestuur is een geëigend middel en ik denk dat we met onze digitale nieuwsbrief ook goed binnenkomen bij onze leden. Maar als we echt harde noten te kraken hebben, is een email aan allen of een nieuwsbrief dan nog serieus genoeg? Soms lijkt een ouderwetse brief vandaag de dag meer impact en rendement te hebben. Aan de ene kant willen we graag zichtbaar zijn voor onze leden, maar moeten we serieus kijken naar effectiviteit.

Zo kan het geen kwaad om aan het begin van een nieuw jaar eens goed na te denken over de vraag: ‘wat werkt?’ En hoe kunnen we tot elkaar doordringen en elkaar begrijpen? Met die gedachte stap ik straks met plezier in de auto naar Keulen. De oren en ogen open, benieuwd wie ik ga zien en wat ik ga leren!

Lees hier het volledige artikel.

Bron: Consudel, januari/februari 2020